Wat kun je na deze training?
Je kijkt bij elke wondverzorging bewust naar de vier aspecten van TIME en beschrijft wat je ziet, zoals de grootte, de kleur en de hoeveelheid wondvocht. Je weet waar je het wondplan en de protocollen vindt. Je herkent eerder dat een wond stagneert of ontstoken raakt, en je weet wanneer je de arts of wondverpleegkundige inschakelt.
Wat het je team oplevert
Als iedereen wonden rapporteert volgens het TIME-model, kun je het verloop van een wond van dienst tot dienst volgen. Afwijkingen vallen sneller op en komen eerder bij de arts of wondverpleegkundige. Iedereen werkt met hetzelfde wondplan en dezelfde protocollen. Na het verwijderen van hechtingen of agrafen worden ze geteld en vergeleken met het aantal dat is aangebracht.
In de training verwijzen we naar Vilans Protocollen, WCS en Zorg voor Beter voor verdieping over wondgenezing en het TIME-model.