Training voor
Verzorgende / Verpleegkundige

Vlindernaald (vleugelnaald) subcutaan plaatsen

Vlindernaald plaatsen: wanneer, waar op het lichaam en waar je op let, voor verzorgenden en verpleegkundigen.

Inhoud bijgewerkt op Ontwikkeld door Elise van DansikMeegelezen door Karin Theunissen, Teamleider bij KloekGebaseerd op goedgekeurde bronnen
In het kort

Vlindernaald plaatsen (vleugelnaald s.c.) voor verzorgenden en verpleegkundigen: indicaties, prikplaatsen, de huid observeren en complicaties herkennen.

Over de training

Wanneer en waar plaats je een vlindernaald?

Meneer Smits is in de laatste fase van zijn leven en wil thuis blijven. Slikken lukt niet meer, dus pijnmedicatie via de mond gaat niet. De arts kiest voor een subcutane vleugelnaald en schrijft een uitvoeringsverzoek. Wijkverpleegkundige Fatima plaatst de vlindernaald op de borst. Dat deel van het lichaam blijft in de stervensfase het langst doorbloed. Daarna observeert ze dagelijks de huid rond de insteekplaats.

De training is voor verzorgenden en verpleegkundigen. Een vleugelnaald plaatsen is een voorbehouden handeling volgens de Wet BIG. Je doet het alleen in opdracht van een arts, met een ondertekend uitvoeringsverzoek. Je bent bekwaam én bevoegd en werkt volgens het protocol van je eigen organisatie. Heb je nog weinig ervaring, dan doe je het onder begeleiding. Zie ook de pagina voor verzorgenden en verpleegkundigen. Wil je meer weten over injecteren onder de huid? Volg dan Subcutaan injecteren.

Wat je leert

  • Je legt uit wat een vleugelnaald (vlindernaald of subcutane canule) is.
  • Je beschrijft hoe vocht en medicatie via de onderhuid in de bloedbaan komen.
  • Je noemt indicaties, zoals slikproblemen, pijnbehandeling en palliatieve zorg thuis.
  • Je noemt contra-indicaties, zoals een acute uitdroging, oedeem of hartfalen.
  • Je weet welke prikplaatsen er zijn en waarom je ze afwisselt volgens het schema in het zorgplan.
  • Je herkent complicaties bij het plaatsen en weet dat de vleugelnaald dan weg moet.

Waar je op let

  • De arts bepaalt de indicatie en welke vloeistof of medicatie wordt gegeven, niet jij.
  • Prik alleen in gezonde huid met genoeg onderhuids weefsel, dus niet bij littekens, wondjes of vochtophoping.
  • Kies een plek waar de cliënt zo min mogelijk last heeft van kleding of drukplekken.
  • Werk met de no-touchtechniek: raak niets aan wat steriel of ontsmet is.
  • Let rond de insteekplaats op roodheid, zwelling, pijn, lekkage, bloeding en harde plekken (infiltraten). Overleg bij afwijkingen met de arts of (wijk)verpleegkundige.
Opbouw van de training

Hoe is de training opgebouwd?

De training heeft zes modules en een quiz. Je start met een kennistest. Daarna leer je de lagen van de huid en waarom een s.c. canule minder pijnlijk is dan een infuus in een ader. Bij de indicaties beoordeel je situaties: indicatie of contra-indicatie? Bij de aandachtspunten beantwoord je vragen over cliënten, zoals iemand met een insulinepomp. Je eindigt met de protocollen en een inschatting van je eigen bekwaamheid.

  • Test je kennis - vleugelnaald plaatsen: drie vragen vooraf, onder meer over welke plek het langst doorbloed blijft.
  • Waarom een subcutane (s.c) vleugelnaald?: wat een vlindernaald is, de opbouw van de huid en het verschil met een infuus in een ader.
  • (Contra-)indicaties vleugelnaald (s.c.): van diabetes en pijnbehandeling tot palliatieve zorg. Ook wanneer juist niet, zoals bij stollingsstoornissen of een slechte nierfunctie.
  • Aandachtspunten en complicaties: uitvoeringsverzoek, prikplaatsen afwisselen, no-touchtechniek en te diep of niet diep genoeg prikken.
  • Protocollen - Vleugelnaald (s.c.): protocollen voor plaatsen, verwijderen en de insteekopening verzorgen, met voorbeelden van plaatsing op de borst.
  • In de praktijk - vleugelnaald (s.c.): je houdt bij hoeveel ervaring je hebt.

Werkinfo bij deze training

Stappenplannen en kaarten die je tijdens je dienst in de app opzoekt.

Wat kun je na deze training?

Je weet waarom de arts voor een subcutane canule kiest en wanneer niet. Je kiest samen met het zorgplan een prikplaats die past bij de cliënt, ook in de palliatieve fase. Je observeert de insteekplaats elke dag en herkent een infiltraat of lekkage. Bij een complicatie waarschuw je altijd een arts.

Wat het je team oplevert

Een vleugelnaald plaatsen valt onder de Wet BIG. Je wilt dus weten wie in je team bekwaam is. In de praktijkmodule geeft elke medewerker aan hoeveel ervaring die heeft, en je ziet het niveau van het team. Zo weet je wie collega's kan begeleiden en wie nog onder begeleiding werkt.

Voor verdieping verwijst de training naar Palliaweb, Zorg voor Beter, Huidinfo en Mens en Gezondheid.

Zo ziet de training eruit

Van starten tot certificaat, op de telefoon

Zo doorloopt je medewerker de training in de app.

Begin bij wat je al weet

Je medewerker geeft eerst aan hoe het nu gaat: “Hoe bekwaam voel jij je bij het plaatsen van een vleugelnaald (s.c.)?” Dat eigen startpunt maakt de rest van de training persoonlijk.

Leer in kleine stappen

Daarna volgen korte kaartjes om door te vegen, elk in een paar minuten. Bijvoorbeeld “Prikplaatsen roteren” uit de module Aandachtspunten en complicaties.

Oefen met echte situaties

Je medewerker oefent met een situatie uit de praktijk: “Welke volgorde klopt bij het inbrengen van een subcutane vleugelnaald?” Bij elk antwoord volgt direct uitleg.

Gespreid leren

Een korte melding op de telefoon haalt de stof terug: “Welke plaats op het lichaam blijft het langst doorbloed tijdens een terminale (stervens) fase?” Zo blijft het beter hangen.

Leefondersteuner van DSV Leven vouwt samen met een cliënt de was op aan tafel
Klantverhaal

DSV Leven versterkt leefondersteuners met praktische training in de Primio app

Leefondersteuners bij DSV Leven voelen zich zekerder in hun rol dankzij korte, praktische modules in de Primio app

25

Trainingen Voor leefondersteuners

92%

Certificaten Behaald in de eerste maanden

8+

Beoordeling Van medewerkers

Lees dit klantverhaal

Veelgestelde vragen

Welke complicaties kunnen optreden bij een vleugelnaald?

Bij het plaatsen kan de canule te diep in spierweefsel komen, een bloedvat raken of niet diep genoeg zitten. In dat laatste geval hoopt vocht zich op in de huid of lekt het ernaast. In al deze gevallen moet de vleugelnaald eruit en waarschuw je een arts.

Wat is het verschil tussen een vlindernaald en een infuus in een ader?

Een vlindernaald (subcutane canule) zit in het onderhuidse weefsel, niet in een ader. Vocht of medicatie wordt daar langzaam opgenomen en komt via kleine vaatjes in de bloedbaan. Het is meestal minder pijnlijk en past goed in de thuissituatie. Bij acute situaties, zoals uitdroging of shock, kiest de arts juist voor een infuus in een ader.

Is een vleugelnaald plaatsen een voorbehouden handeling?

Ja, een subcutane vleugelnaald plaatsen is een voorbehouden handeling volgens de Wet BIG. Je doet het alleen in opdracht van een arts, met een ondertekend uitvoeringsverzoek. Je bent bevoegd én bekwaam en volgt het protocol van je organisatie. De arts bepaalt ook welke vloeistof of medicatie de cliënt krijgt.

Waar plaats je een vlindernaald?

Een vlindernaald kan in het bovenbeen, de bovenarm, de buik, de borst en de rug. In de palliatieve fase kies je meestal de borst, omdat die het langst doorbloed blijft. De prikplaatsen wissel je af volgens het schema in het zorgplan. Je prikt alleen in gezonde huid met genoeg onderhuids weefsel.

Vragen over accreditatie

Hoeveel accreditatiepunten levert een training op?

Een training levert één punt op per uur studiebelasting, volgens de norm van V&VN. Primio berekent de leertijd per training op basis van het aantal schermen, en een accreditatiefunctionaris controleert die berekening. Zodra een training geaccrediteerd is, staat het aantal punten bij de training.

Kan een medewerker een training vaker volgen voor punten?

Ja, een medewerker kan opnieuw punten halen op dezelfde training, met minimaal een jaar tussen twee keer afronden. V&VN staat herhaling toe. Een jaar is lang genoeg om kennis echt op te frissen, en omdat Primio geaccrediteerde trainingen jaarlijks herziet, werkt de medewerker dan met actuele inhoud.

Kun je met korte trainingen in een app accreditatiepunten halen?

Ja. Een Primio-training bestaat uit korte modules die de medewerker over een paar dagen of weken doorloopt, en voldoet aan dezelfde eisen als klassikale scholing. Dat past bij medewerkers die diensten draaien en moeilijk een dagdeel vrij kunnen maken. Gespreid leren met herhaling zorgt er bovendien voor dat kennis beter blijft hangen dan na één lange zit.

Hoe bewaakt Primio de kwaliteit van geaccrediteerde trainingen?

Primio werkt met het vierogenprincipe: twee aangewezen accreditatiefunctionarissen beoordelen elke training voordat die geaccrediteerd wordt, en wie een training schrijft, keurt die nooit zelf goed. Geaccrediteerde trainingen worden minstens één keer per jaar herbeoordeeld tegen de actuele richtlijnen. Deelnemers vullen na afloop een korte evaluatie in, en die feedback wordt verwerkt. Verandert een training ingrijpend, dan wordt die opnieuw geaccrediteerd.

Hoe komen de punten van een medewerker in PE-online?

Primio schrijft de punten automatisch bij in PE-online, het systeem waarin het Kwaliteitsregister scholing registreert, direct nadat de medewerker de training heeft afgerond. De medewerker vult één keer het registratienummer van V&VN of het BIG-nummer in bij het eigen profiel in de app, en hoeft verder niets in te voeren of te uploaden. Heeft een training een praktijkdeel, dan volgen de punten pas als een collega, praktijkbegeleider of leidinggevende de praktijk heeft afgetekend.

Wat gebeurt er met de punten als een medewerker of organisatie stopt met Primio?

De punten blijven staan. Ze worden geregistreerd in het Kwaliteitsregister van V&VN, gekoppeld aan het registratienummer of BIG-nummer van de medewerker, en niet aan het account in Primio.

Voor wie leveren de accreditatiepunten iets op?

De accreditatiepunten zijn bedoeld voor verzorgenden en verpleegkundigen die in het Kwaliteitsregister V&V van V&VN staan. Zij hebben geaccrediteerde punten nodig voor hun herregistratie, die elke vijf jaar plaatsvindt. Medewerkers die niet in het register staan, kunnen de training gewoon volgen en afronden, maar krijgen er geen punten voor.

Wat betekent het dat Primio instellingsaccreditatie heeft?

Instellingsaccreditatie betekent dat V&VN Primio heeft erkend als instelling die de eigen trainingen zelf beoordeelt en accrediteert voor het Kwaliteitsregister V&V. Elke training voldoet aan dezelfde eisen als ander geaccrediteerd aanbod: heldere leerdoelen, onderbouwing met actuele richtlijnen en bronnen, een omschreven doelgroep en een kloppende studiebelasting. V&VN controleert dit vier keer per jaar met een steekproef.

Welke Primio-trainingen zijn geaccrediteerd?

Primio accrediteert ruim veertig trainingen voor verzorgenden en verpleegkundigen voor het Kwaliteitsregister V&V van V&VN. Primio heeft sinds 15 oktober 2026 instellingsaccreditatie van V&VN, en de trainingen worden gefaseerd in de accreditatieaanvraag gezet. Onder 'Praktisch' bij een training zie je of die in aanvraag is of geaccrediteerd, en hoeveel punten die oplevert.

Vragen over accreditatie

Hoeveel accreditatiepunten levert een training op?

Een training levert één punt op per uur studiebelasting, volgens de norm van V&VN. Primio berekent de leertijd per training op basis van het aantal schermen, en een accreditatiefunctionaris controleert die berekening. Zodra een training geaccrediteerd is, staat het aantal punten bij de training.

Kan een medewerker een training vaker volgen voor punten?

Ja, een medewerker kan opnieuw punten halen op dezelfde training, met minimaal een jaar tussen twee keer afronden. V&VN staat herhaling toe. Een jaar is lang genoeg om kennis echt op te frissen, en omdat Primio geaccrediteerde trainingen jaarlijks herziet, werkt de medewerker dan met actuele inhoud.

Kun je met korte trainingen in een app accreditatiepunten halen?

Ja. Een Primio-training bestaat uit korte modules die de medewerker over een paar dagen of weken doorloopt, en voldoet aan dezelfde eisen als klassikale scholing. Dat past bij medewerkers die diensten draaien en moeilijk een dagdeel vrij kunnen maken. Gespreid leren met herhaling zorgt er bovendien voor dat kennis beter blijft hangen dan na één lange zit.

Hoe bewaakt Primio de kwaliteit van geaccrediteerde trainingen?

Primio werkt met het vierogenprincipe: twee aangewezen accreditatiefunctionarissen beoordelen elke training voordat die geaccrediteerd wordt, en wie een training schrijft, keurt die nooit zelf goed. Geaccrediteerde trainingen worden minstens één keer per jaar herbeoordeeld tegen de actuele richtlijnen. Deelnemers vullen na afloop een korte evaluatie in, en die feedback wordt verwerkt. Verandert een training ingrijpend, dan wordt die opnieuw geaccrediteerd.

Hoe komen de punten van een medewerker in PE-online?

Primio schrijft de punten automatisch bij in PE-online, het systeem waarin het Kwaliteitsregister scholing registreert, direct nadat de medewerker de training heeft afgerond. De medewerker vult één keer het registratienummer van V&VN of het BIG-nummer in bij het eigen profiel in de app, en hoeft verder niets in te voeren of te uploaden. Heeft een training een praktijkdeel, dan volgen de punten pas als een collega, praktijkbegeleider of leidinggevende de praktijk heeft afgetekend.

Wat gebeurt er met de punten als een medewerker of organisatie stopt met Primio?

De punten blijven staan. Ze worden geregistreerd in het Kwaliteitsregister van V&VN, gekoppeld aan het registratienummer of BIG-nummer van de medewerker, en niet aan het account in Primio.

Voor wie leveren de accreditatiepunten iets op?

De accreditatiepunten zijn bedoeld voor verzorgenden en verpleegkundigen die in het Kwaliteitsregister V&V van V&VN staan. Zij hebben geaccrediteerde punten nodig voor hun herregistratie, die elke vijf jaar plaatsvindt. Medewerkers die niet in het register staan, kunnen de training gewoon volgen en afronden, maar krijgen er geen punten voor.

Wat betekent het dat Primio instellingsaccreditatie heeft?

Instellingsaccreditatie betekent dat V&VN Primio heeft erkend als instelling die de eigen trainingen zelf beoordeelt en accrediteert voor het Kwaliteitsregister V&V. Elke training voldoet aan dezelfde eisen als ander geaccrediteerd aanbod: heldere leerdoelen, onderbouwing met actuele richtlijnen en bronnen, een omschreven doelgroep en een kloppende studiebelasting. V&VN controleert dit vier keer per jaar met een steekproef.

Welke Primio-trainingen zijn geaccrediteerd?

Primio accrediteert ruim veertig trainingen voor verzorgenden en verpleegkundigen voor het Kwaliteitsregister V&V van V&VN. Primio heeft sinds 15 oktober 2026 instellingsaccreditatie van V&VN, en de trainingen worden gefaseerd in de accreditatieaanvraag gezet. Onder 'Praktisch' bij een training zie je of die in aanvraag is of geaccrediteerd, en hoeveel punten die oplevert.

Geheel vrijblijvend

Benieuwd wat Primio voor jouw organisatie kan betekenen?

In een kort gesprek ontdekken we samen de uitdagingen van je organisatie en wat Primio daarin kan doen.

Jules Weijdema

Jules Weijdema

Adviseur en Oprichter van Primio

Tablet met het Primio-dashboard en de uitkomsten van een medewerkersenquête